← Nieuws

Nieuws · 18 augustus 2020 · Teresa Veerman

Frank Tierolff (Kadaster): ‘We delen hetzelfde principe’

Op 14 juli zette Frank Tierolff, bestuursvoorzitter van het Kadaster, zijn handtekening onder het Groeipact Common Ground. De ondertekening markeert de toenemende samenwerking tussen gemeenten en ketenpartners. Waarom vindt de bestuurder Common Ground een belangrijke beweging? Hij vertelt erover in een interview met iBestuur.

‘We zijn al een aantal jaar een belangrijke partner voor de gemeenten als het gaat om geodata-informatie. De beweging Common Ground sluit naadloos aan op ons gezamenlijke principe van data gebruiken bij de bron. Dat wordt gedeeld, gevoeld en gedragen,’ aldus Tierolff.

Actualiteit van data

‘Binnen het Kadaster en met de vele ketenpartners versturen we enorme hoeveelheden data. Die worden vaak vele malen gekopieerd. We denken dat we naar dezelfde gegevens kijken, maar is dat wel zo? Als ik de bron ben en ik stuur jou een kopie van bepaalde gegevens, kan het zo maar zijn dat mijn data een dag later geactualiseerd worden en die van jou niet.

Kijkend naar mijn eigen organisatie: er kan elk moment beslag worden gelegd op een huis of een hypotheek worden gevestigd of dat huis kan worden verkocht. Als je dan met oude gegevens zit, kun je daar geen zekerheid aan ontlenen. De burger moet erop kunnen vertrouwen dat wij naar dezelfde data kijken. Daarom gaan we naar een ICT-landschap waarin data rechtstreeks bij de bron bevraagd en gewijzigd worden.’

Datasensitiviteit

Tierolff toont begrip voor de complexiteit en de grote diversiteit van maatschappelijke en politieke thema’s bij gemeenten. ‘De gevoelde urgentie ligt begrijpelijkerwijs natuurlijk bij acute thema’s als jeugdzorg. Maar digitale transformatie is ook een belangrijk thema. Juist ook om andere maatschappelijke vraagstukken nog beter te ondersteunen. Ik denk wel dat je binnen gemeenten moet werken aan data-affiniteit en datasensitiviteit. Wij zijn gericht op data waarmee we de samenleving kunnen helpen. Daar zijn we als overheid tenslotte voor.’

Verder lezen?

Lees het hele interview op iBestuur.

Bron